Een van de richtingen van de veelzijdige creatieve activiteit van Grigory Bosenko is de nieuwjaarsgroetgravure „Pour féliciter”, een persoonlijk genre van de kleingrafiek, dat uit het Frans vertaald „gelukwens ter gelegenheid van” betekent. De belangstelling van de kunstenaar voor miniatuurgrafiek, en in de eerste plaats voor het ex libris, bracht hem onvermijdelijk tot uitwerkingen en zoektochten in deze intieme en boeiende richting van de persoonlijke grafiek. Door deel te nemen aan de meest prestigieuze internationale tentoonstellingen en wedstrijden voor kleingrafiek correspondeert G. Bosenko met vele vooraanstaande Europese meesters en vrienden in de kunst van de gravure, en wisselt hij werken met hen uit. Een dergelijke intensieve creatieve communicatie met collega’s vereist soms een grotere intellectuele en professionele inspanning dan een reeks vrije grafische werken, want in een gravure van klein formaat vat de kunstenaar zijn gedachten samen over wat het belangrijkst was in het voorbije jaar, wat volgens hem het komende jaar zal bepalen, en beeldt hij dit aforistisch uit. Wanneer men in een hoogprofessionele gemeenschap wordt opgenomen, moet men zijn intellectuele en technische meesterschap blijven vervolmaken, want er is niets hoger dan de erkenning van een andere meester, een vakbroeder. De in de catalogus gepresenteerde groetgravures, uitgevoerd gedurende een periode van twintig jaar, dragen het stempel van een heldere persoonlijkheid en zijn de vrucht van overdenkingen en ervaringen over het actuele en het eeuwige. Als mens met een duidelijk uitgesproken maatschappelijke positie denkt hij ook in zo’n intiem genre als de PF na over gebeurtenissen die hem schokken of verheugen. Daaruit ontstond een hele reeks etsen die de kenmerkende gebeurtenissen van een bepaald jaar markeren: 1987 - „Voor de restauratie”, 1987 - „Het hoofd van Holofernes”, 1989 - „De ark van Noach”, 1991 - „De toren van Babel”, 1992 - „Consensus?”. De meerlagige en tamelijk moeilijk waarneembare onderwerp-thematische basis van de gravures van G. Bosenko wordt ingegeven door het verlangen van de kunstenaar om in het kleine veel te „zeggen”, om het gebeurde in de context van de wereldgeschiedenis te begrijpen. Hij herinnert ons eraan dat de mensheid reeds meer dan eens oorlogen en catastrofes, revoluties en de vernietiging van rijken, de schepping en val van afgoden, de hoop op redding en de strijd van het Goede met het Kwade heeft doorgemaakt. Dit alles is aanwezig in de groetgravures die als een deel van de ziel van de kunstenaar aan collega’s en vrienden ter gelegenheid van het Nieuwe Jaar worden gezonden. Misschien juist omdat deze thema’s eeuwig zijn, zijn de personages van de door G. Bosenko opgevoerde drama’s gekleed in kostuums van voorbije tijdperken, terwijl zij actuele en moderne beelden blijven, buiten ruimte en tijd. In dit opzicht staan de laatste opussen enigszins apart, waarin de aanwezigheid van de mens slechts wordt verondersteld: 2000 - „Autecologie”, 2001 - „Status quo”. Deze werken kenmerken zich door een verbazingwekkende eenheid en een uiterste beknoptheid van het onderwerp, waardoor zij een monumentaal karakter verkrijgen; zij kunnen zonder verlies worden overgebracht naar de categorie van vrije grafiek in grote formaten. Een ander kenmerk van deze PF’s is hun onmiskenbare zoekende karakter in de lijn van de moderne tendensen in de grafiek: (de neiging naar grote formaten, de overheersing van het formele boven het onderwerpelijk-afbeeldende, het gebruik van nieuwe artistieke technieken, middelen en materialen), die in overeenstemming zijn met het nieuwe millennium. Volgens de kunstenaar zelf zal de PF, na de fase van fascinatie voor een formele benadering te hebben doorlopen, ofwel terugkeren naar het onderwerp-thematische begin met gebruikmaking van aspecten van de warmte van een gelukwens, ofwel zichzelf uitputten en tot het verleden gaan behoren.